Recensie ‘Agent 6’ van Tom Rob Smith

Met dit boek rondt Smith de trilogie af die hij zo meesterlijk begon met ‘Kind 44’. Dit eerste boek was in de basis een ingenieus detectiveverhaal, dat ook nog een bijzonder beklemmende sfeer had omdat het speelt in het Rusland onder Stalin. Smith bracht in dit boek, en ook in de indringende opvolger ‘Kolyma’ de waanzin van het communistische regime tot leven.

En dan dus dit laatste boek, ‘Agent 6′, met natuurlijk ook weer Leo Demidov als hoofdpersoon. Ook in dit boek is de forte weer de bijzondere context waarin het verhaal plaats vindt. Smith lijkt echter wel moeite gehad te hebben een plot te verzinnen, want dat is, net als bij Kolyma al het geval was, toch weer een beetje vergezocht. Ongenadig is het ook weer, want nu moet Leo ondergaan dat zijn vrouw Raisa bij een soortement uitwisseling in de V.S. wordt vermoord. Vijftien jaar lang wordt hij verteerd door verdriet en verlangen te ontdekken wie de moord heeft gepleegd om daar -natuurlijk- aan het eind van het boek achter te komen. Maar dan heeft hij inmiddels al vele ontberingen moeten ondergaan en heeft hij jarenlang in het door de Russen binnengevallen Afghanistan gezeten.
Alhoewel de hele Afghaanse episode op zich interessant is, wreekt het zich toch wel een beetje dat dit nauwelijks van belang is voor het centrale gegeven in het boek: wraak nemen op Raisa’s moordenaar. Eigenlijk zitten we dus een heel lang een nevenverhaaltje van 15 jaar te volgen, voor we weer terug zijn met waar het verhaal echt over ging. Dit komt het verhaal niet ten goede.
Niet dat dit hiermee een slecht boek is, ik vond het zeer lezenswaardig. Maar je moet helaas wel constateren dat het boek waarmee Smith zijn trilogie beëindigt het minste is van de drie.

Recensie ‘HhhH’ van Laurent Binet

‘HhhH’ staat voor ‘Himmler’s hersenen heten Heydrich’, hetgeen meteen verraadt waar het over gaat: Reinhard ‘het blonde beest’ Heydrich, misschien wel de ergste van alle nazi-kopstukken die samen met zijn onderdaan Eichmann aan de basis stond van één van de absolute dieptepunten van de menselijke beschaving: de holocaust. Hoe dan ook een interessante man dus, waar Philip Kerr in zijn meesterlijke ‘Prague Fatale’ ook al eerder aanstekelijk over schreef.
De Franse schrijver Binet concentreert zich vooral op de moordaanslag die op Heydrich beraamd wordt, ‘Operatie Antropoid’ geheten (zie hier een veel klinkender naam voor het boek, maar goed). Hij beperkt zich echter niet tot het schrijven van een geschiedenisboek, maar schrijft ook over het schrijven van dit geschiedenisboek. Een boek op meta-niveau dus. Het deed mij denken aan ‘Flaubert’s papegaai’ van Julian Barnes, dat niet alleen een biografie was van de beroemde schrijver, maar ook een commentaar was op biografieën in het algemeen.


Dat kunstje voert Binet hier dus ook uit, maar helaas wel in een minder geslaagde uitvoering. Was Barnes’ metaboek juist zo goed omdat hij de persoonlijke problemen van de verteller deel liet uitmaken van de verhaallijn, Binet komt hier niet echt aan toe, hij vertelt alleen ergens dat zijn obsessieve zoektocht naar het verhaal over Heydrich’s dood de relatie met zijn vriendin Natascha onder spanning brengt. Maar voor de rest weet hij hier weinig aan toe te voegen, en hierdoor zijn die ‘meta’-uitstapjes eerder hinderlijke onderbrekingen dan dat ze iets toevoegen. Nee, goed beschouwd lijkt Binet’s werkje dan eigenlijk nog meer op een Geert Mak, met de manier waarop het verhaal van de hak op de tak springt en door de talloze vrijelijke associaties die worden maakt.
De kern van het boek wordt intussen gevormd door de precieze toedracht van Heydrichs moord, waarover heel uitgebreid als een spannende thriller wordt verhaald. Dat is op zich best goed gedaan, maar ook niet heel bijzonder. Bovendien blijft bizar genoeg onduidelijk wie nu echt die dodelijke kogel heeft afgevuurd. Niet het duo Gabcik/Kubis (die de geschiedenis ingaan als de moordenaars van Heydrich) in ieder geval, want Gabcik’s stengun blokkeert en Kubis gooit alleen een bom. De scene waarmee het boek afsluit is eigenlijk ook veel interessanter: hoe de Gabcik, Kubis en kornuiten uiteindelijk worden opgespoord, zich verschanzen in een kerk en zich doodvechten tegen een legertje van 700 SS’ers. Bloedstollend…
Concluderend: dit boek was zeer zeker vermakelijk door de boeiende materie, maar ‘subliem’ zoals de Volkskrant jubelt op de achterflap? Nou… nee.

Recensie ‘Een bestseller schrijven voor dummies’ van Bart van Lierde

Is het mogelijk: een instructieboek schrijven dat je haarfijn uitlegt hoe je een bestseller schrijft? Natuurlijk niet, want als dat zou kunnen, zou iedereen toch een bestseller schrijven, niet? Of een bepaald boek succesvol wordt is bijna niet te voorspellen, en natuurlijk is dat maar goed ook, anders zou het wel heel saai worden. Je zou je dan bijna moeten afvragen of schrijver zijn nog wel een creatief vak zou zijn, als je risicoloos succesformuletjes uit zou hoeven te werken. Maar gelukkig is dit niet zo en kun je ook met een volstrekt uniek en ongekend boek succes hebben, hoe klein die kans -helaas- ook is. Want maar al te vaak staan er hele matige boeken aan de top van de bestsellerlijsten, zoals die ‘Vijftig tinten grijs’-serie, die in de pers -terecht, vrees ik- werd afgefakkeld als een Bouquetreeks met kinky seks.
Maar om terug te keren bij dit boek: Bart van Lierde (zelf een schrijver, alhoewel ik nog nooit eerder van hem gehoord had) heeft zich dus in een bij voorbaat kansloze missie gestort. Dat beseft hij schijnbaar zelf ook, want hij haast zich meteen de thematiek te versmallen: hij heeft het alleen nog maar over een formule die zich met name bij de film heeft bewezen. Dit is meteen een zwakte, want je vraagt je af of dit boek niet veel beter ‘Een filmscenario schrijven voor dummies’ had moeten heten.
Het positieve is wel dat Van Lierde over zijn thematiek vervolgens wel echt iets interessants over te zeggen, namelijk zijn observatie dat alle succesfilms van precies dezelfde opbouw uitgaan. Heel kort gezegd: (1) een hoofdpersoon bevindt zich in een relatief evenwicht als gevolg van een ‘blinde vlek’, (2) een beginincident brengt hem uit het evenwicht, (3) er volgen drie of vier keerpunten die hem steeds verder in de problemen brengen, (4) er ontstaat een crisis waarbij de hoofdpersoon eindelijk zijn blinde vlek onder ogen moet zien en (5) als gevolg hiervan wordt het evenwicht hersteld en een oplossing bereikt (al dan niet positief).
Het grappige is dat je inderdaad dit patroon in heel veel films ziet. Ik betrapte me er zelfs op dat ik ook de eerste films die ik daarna zag (‘Beasts of the Southern Wild’ en ‘The American’) op deze wijze ontleedde en dat het nog ‘klopte’ ook.

Hiermee is wel meteen het enige goede van dit instructieboek besproken. Aan het einde volgen nog wat algemene schrijftips die al tientallen keren in andere boeken hebben gestaan en nog wat al te gedetailleerde en soms onzinnige praktische tips. Wat vervolgens dan weer een beetje ontbreekt is een hoofdstukje over wat je als schrijver moet doen nadat je je boek eindelijk uitgegeven hebt gekregen: lezingen houden, signeersessies, talking head in DWDD, zoiets? In plaats hiervan sluit Van Lierde maar af met nogmaals een samenvatting van de kern van zijn betoog, helaas heel symbolisch, want zijn hele boek zit iets te vol met herhalingen.
Concluderend: op zijn vriendelijkst een aardig boek, met soms leuke inzichten, maar ook niet veel meer dan dat…

Filmrecensie Django Unchained

Quentin Tarantino heeft in de afgelopen jaren een reeks met iconische films gemaakt, natuurlijk aangevoerd door de absolute klassieker ‘Pulp Fiction’. Ook zijn een-na-laatste worp ‘Inglorious basterds’ (sic) is memorabel, alleen al om de beklemmende beginscene.

Dat in ogenschouw nemend is deze laatste film van Tarantino toch wat tegenvallend. Opnieuw geeft Tarantino een eigen draai aan de geschiedenis, nu niet WOII maar het Amerikaanse slavernij-verleden, opnieuw is de film onderhoudend, maar echt heel bijzonder wil het toch niet worden. Het rondspuitende bloed in het weer bijzonder grafische geweld is wel erg overdreven, de onderhandelingsscene met Calvin Candie tegen het einde van de film is bijna saai, en de heldenrol van hoofdpersoon Django wordt zo groot uitgemeten, dat het karikaturaal wordt.

Concluderend: zeker een onderhoudende film, maar toch een van de minste van Tarantino.

Recensie ‘Het rode huis’ van Mark Haddon

Dit boek van Mark Haddon is misschien het beste te vergelijken met Jonathan Franzen’s literaire pareltjes ‘De Correcties’ en ‘Vrijheid’. In die beide boeken schetste Franzen krachtige beelden van een familie en eigenlijk doet Mark Haddon in dit boek precies hetzelfde. Het mooie is ook nog eens dat hij dit verbluffend goed doet.
Haddon laat zijn roman draaien om de gezinnen van Richard en diens zus Angela, die besluiten een gezamenlijk weekje vakantie te vieren op het Engelse platteland (natuurlijk in het ‘Rode Huis’). Haddon’s boek heeft hiermee niet gekozen voor één, maar maar liefst voor acht hoofdpersonen, want hij laat ze allemaal min of meer even vaak aan het woord komen, op een manier die buitengewoon treffend en geloofwaardig is.

Richard; de arrogante liefdeloze chirurg, diens tweede prijsvrouwtje Louisa, hun egoïstische dochter Melissa, een krengerig prinsesje, de afgeleefde dorpsjuf Angela, die maar niet los kan komen van haar vierde, doodgeboren kind, haar nietsnutterige man Dominic, hun zoekende christelijke dochter Daisy, de sportieve testosteronbom zoon Alex die wel een oogje heeft op Melissa en de springere en wilde maar ook gevoelige Benjy, letterlijk de benjamin van het gezelschap.
Natuurlijk knarst en knettert het flink tussen alle verschillende personages, is er volop oud leed èn nieuw leed en ontstaan er tal van verwikkelingen. Haddon vertelt het allemaal meeslepend door voortdurend te switchen in perspectief. Makkelijk leesbaar is het verhaal echter niet bepaald door de soms wel heel abstracte manier van vertellen: in het boek zitten tal van passages waarin Haddon met lange associatieve opsommingen probeert beelden en sferen bij je op te roepen. Moeilijk, maar vaak wel erg effectief.
Kortom: ik werd aangenaam verrast door dit sterke boek. Maar wees wel gewaarschuwd: verwacht vooral niet een spanningsboog of een rond plot, ook niet op basis van de misleidende achterflaptekst die -zoals helaas heel vaak voorkomt- volledig de plank mis slaat: Haddon verhaalt gewoon over de zeven dagen die worden doorgebracht in het Rode Huis en het boek eindigt even onaf zoals het begon: met acht mensen die allemaal zo hun moeite hebben met het vormgeven van hun leven…

Cool Wave Deel I

Het eerste deel van een nieuw lang verhaal! Hit-man Joe is in Hong Kong aangekomen om een moordaanslag te plegen. In de hotelbar raakt hij aan de praat met Eddie…

“Een whiskey on the rocks en een groot glas water graag”, zei Giovanni ‘Joe’ Monteverdi terwijl hij vermoeid neerzakte op een barkruk. De ober van dienst knikte kort en ging aan de slag.
“God, is het altijd zo heet hier? Ik ben kapot!”, gromde Joe tegen niemand in het bijzonder. Hij liet zijn koffertje voor zich op de grond zakken, wiste het zweet van zijn hoofd en trok het kletsnatte textiel van zijn overhemd los van zijn gloeiende lijf. “God”, gromde Joe nog een keer, genietend van de koelte die hij zo lang gezocht had.”

Lees hier het hele verhaal:

Cool Wave Deel I