Verhalen en meer van Christian Deterink

+menu-


  • Category Archives Alle boekrecensies
  • Boekrecensie ‘Het hout’, Jeroen Brouwers

    Dit bijzonder grimmige boek heeft als hoofdpersoon Bonaventura, broeder in een Franciscaner klooster c.q. jongenspensionaat, ergens diep in Limburg. Hij is hier wel een beetje een buitenbeentje, vooral omdat hij eigenlijk nooit een monnik had willen worden, maar er halfslachtig maar een beetje ingerold, of misschien wel ‘ingerommeld’ is; mede als gevolg van zijn slappe karakter. Maar ook is hij een buitenbeentje omdat hij als één van de weinige kloosterlingen zijn ‘sexuele’ frustraties niet botviert op de kostschool-jongens en die jongens ook niet voortdurend kleineert en tiranniseert.

    Voorgaande verklaart waarom ik het meteen al had over een grimmig boek, want ja: het beeld dat Brouwers schept van dit klooster is bepaald niet mals. Dat zal grotendeels terecht zijn, vrees ik, maar ergens voelt het ook aan als een iets te vileine afrekening; Brouwers heeft immers zelf als kind op een dergelijk jongenspensionaat gezeten, las ik ergens. Maar hoe dan ook: het relaas over de vele onvoorstelbare misstanden die zich hier in dit klooster achter gesloten deuren afspelen is indringend genoeg!

    Alles wordt bovendien nog eens vele malen erger als het klooster een nieuw Duits schoolhoofd krijgt, een brute tiran die er met zijn tuchtigingswapen (een houten plank; dit verklaart de titel ‘Het hout’) er een waar schrikbewind op nahoudt. Een belangrijke verhaallijn in het boek is als deze ‘Mansoeweetoes’, die door Bonaventura de ‘ever’ (het everzwijn) wordt genoemd, zich weer eens misdraagt tegenover één van zijn leerlingen en dit vervolgens volledig ontspoort.

    De belangrijkste verhaallijn is evenwel dat we meemaken hoe Bonaventura (eigenlijk Eldert geheten) zich, met de hulp van zijn vriendin Patricia, met wie hij enkele keren heimelijk afspreekt buiten het klooster, eindelijk weet los te rukken uit de beklemming van het deprimerende kloosterleven. Zo krijgt het boek in ieder geval nog iets van een happy end…

    De voornoemde Tricia neemt ook bepaald geen blad voor de mond; als ze Eldert inwrijft dat hij deel uitmaakt van het probleem: “Die paar misbruiken wel op een schandelijke manier hun macht over die ventjes en jij houdt net als de hele bende je mond erover dicht, want de macht van zo’n opperjurk strekt zich uit over de hele kwezelgemeenschap die uit schijtlaarzen en laffe apen bestaat. Jij bent medeplichtig.”  Deze ook nog steeds actuele boodschap is denk ik meteen de kern van dit boek.

    Brouwers schrijft in een bijzondere stijl die vol zit met originele en krachtige metaforen en bijzondere woordkeuzes. Hele en halve zinnen duikelen over elkaar heen, net als allerlei gedachtesprongen en beelden. Hiermee krijg je de indruk alsof Brouwers vele passages koortsachtig en in een zeer hoog tempo op papier heeft gezet in een soort ‘stream of consciousness’-stijl. Hoe bijzonder deze stijl ook is, denk ik dat deze voor veel lezers daarom niet altijd even makkelijk is.

    Afsluitend moet je concluderen dat dit is een zeer indringend en grimmig boek, waarin Brouwers op zijn hoogst misschien soms wel wat al al te venijnig afrekent met alle misstanden in de Katholieke kerk en zijn eigen verleden. Samen met de bijzondere schrijfstijl leidt dit tot een zonder meer opmerkelijk en markant boek.


  • Recensie ‘Tsjaikovskistraat 40’, Pieter Waterdrinker

    Deze schrijver ving mijn aandacht omdat hij in een aflevering van Zomergasten zat. Diens laatste boek kreeg ook nog eens zeer lovende recensies.

    En dat is terecht, moet ik constateren nu ik het boek zelf gelezen heb. Vanaf de eerste tot de laatste pagina blijft dit boek zonder meer boeien. Door de materie (Rusland heb ik altijd erg interessant gevonden), maar ook door de vaak kostelijke schrijfstijl van Waterdrinker.

    Het boek is van alles tegelijk. Allereerst natuurlijk een relaas over de 100 jaar geschiedenis van Rusland na het revolutiejaar 1917, maar tegelijkertijd is het een boek óver dit boek en vertelt Waterdrinker volop over zichzelf en hoe dit boek tot stand kwam, in een soort meta-stijl dus, die we kennen van bijvoorbeeld Frank WestermanGeert Mak of Laurent Binet. Bij dit laatste blijft bij mij steeds de vraag overeind: wat is fictie en wat is echt? en ik denk dat Waterdrinker dat bewust gedaan heeft (daarom staat er misschien ook wel zowel ‘Roman’ als ‘Autobiografische vertelling’ op de voorkaft!).

    Waterdrinker doet zijn relaas in een bijna nonchalante stijl, vooral omdat hij alles door elkaar heen vertelt; de ene alinea bijvoorbeeld over de kat van zijn vrouw en de alinea later weer over de eerste dagen van Lenin. Dat stoort echter geen moment, want Waterdrinker heeft meer dan voldoende interessants te vertellen. Hij kenschetst het Rusland zoals hij dat kent in detail, in overvolle en vaak ellenlange zinnen die uitpuilen van de informatie. En hij laat niet na hier een daar wat van zijn politieke gedachtegoed te laten zien. Zoals de kern van zijn betoog: dat de geschiedenis zich niet herhaalt, maar wel rijmt…

    Wat hij zelf meegemaakt heeft is daarbij wel soms zo onwaarschijnlijk, dat je je wel afvraagt of hij dat echt ooit zelf meegemaakt heeft. Maar ook dat slik je voor zoete koek, ook omdat het boek hiermee bij tijd en wijle zeer geestig wordt.

    Hiermee is dit alles overziend een zeer interessant en boeiend boek dat ik in korte tijd heb uitgelezen. Kostelijk!


  • Boekrecensie ‘De afvallige’, Jan van Aken

    Ik zit tegenwoordig wat meer in de historische boeken en daarom vond ik ook dat ik maar eens iets moest lezen van een Nederlandse specialist op dit gebied, Jan van Aken. Zijn boek ‘De afvallige’ pronkt met een mooie schildering van Carel Willink op de voorkaft. Dat belooft alvast veel goeds! Een boek spelend in de nadagen van het Romeinse Rijk, ook dat klinkt veelbelovend.

    Het boek gelezen hebbend, moet ik evenwel concluderen dat de verwachtingen niet uit komen. Van Aken had naar mijn idee twee richtingen op kunnen gaan: er een literaire boek van maken of juist een lekker ‘leesboek’. Zijn pennevrucht is echter geen van beide: het boek heeft veel te weinig inhoud om als literair door te gaan en ook kan niet bepaald worden gesteld dat het boek smeuiig en makkelijk leesbaar is.

    Blijkbaar was toch dat laatste met name het doel van Van Aken, want hij propt het boek vol met sappig bedoelde verwikkelingen, overigens vooral heel veel gereis door hoofdpersoon Swintharik en de vele personages om hem heen.

    Maar waar het mis gaat is de vooral vertelstijl: die komt heel vaak wat onbeholpen over, zelfs in die mate dat ik me steeds afvroeg: waarom schrijft hij dat niet anders? Maar ook is zijn stijl vaak belegen, soms merkwaardig plechtstatig en dan weer overdreven pathetisch. Van Aken gebruikt ook talloze oubollige woorden en dat is nogal merkwaardig. Natuurlijk: zijn verhaal speelt in de vierde eeuw, maar waarom woorden gebruiken die misschien enkele eeuwen geleden in Nederland in zwang waren? Dat slaat als een tang op een varken.

    Die matige vertelstijl zit het boek danig in de weg. Daarbij komt dat het verhaal ook niet echt boeit. Er wordt voldoende beschreven, maar het blijft allemaal heel vaak nogal vlak. De vele onlogisch ogende sprongen in de tijd sleuren je eerder uit dan in het verhaal. En ook de soms nogal onwaarschijnlijke gebeurtenissen overtuigen niet, net als de soms nogal kolderieke scenes, alsof Van Aken zelf soms verlichting zocht in zijn verder toch echt serieus bedoelde vertelling.

    Een coherent plot lijkt er verder intussen in het geheel niet te zijn. Nee; alles is blijkbaar opgehangen aan die ene vraag: wie de (vanuit de optiek van de vroege Christenen) ‘afvallige’ keizer Julianus vermoord heeft; is het echt Swintharik? En Van Aken laat de lezer tot het einde wachten om daar meer over te weten te komen… Maar daar aangekomen was mijn aandacht al volledig weggesijpeld.

    Nee, dit is in totaal een matige leeservaring. Van Aken zou eens een boek van Ken Follett moeten lezen; die heeft het genre waarin Van Aken blijkbaar ook in wil schrijven, veel beter in de vingers.


  • Boekrecensie ‘Het Noordwater’, Ian McGuire

    Dit is het tweede boek dat ik -deels- tijdens mijn zomervakantie las en -ja!- het is nog veel beter dan het ook al erg fijne boek ‘Pilaren van de aarde‘ van Follett. Waar Follett je een uitstekende leeservaring biedt met gewoon een erg puike historische thriller, doet dit boek van de voor mij nog onbekende McGuire echter meer: het grijpt je echt bij de strot.

    Vanaf het begin is duidelijk dat je een bijzonder boek aan het lezen bent. McGuire schetst de grimmige wereld van de walviswaarders (we spreken ergens in de 19e eeuw) en doet dat met ongelooflijk veel zintuiglijke beschrijvingen: hoe iets eruit ziet, klinkt, maar vooral: ruikt! Waar heb ik toch ook alweer gelezen dat het zintuig reuk het meest direct met je emoties is verbonden? Hoe dan ook, McGuire lijkt dit ook te beseffen, want mijn hemel; wat vertelt hij veel over allerlei geurtjes, vaak zeer onwelriekend!

    Het plot ‘stinkt’ ook al; want we lezen over hoe een volstrekt gewetenloos monster, ene Drax, voordat hij aanmonstert op de walvisvaarder Volunteer als harpoenier, nog even een jongen gruwelijk vermoordt. Maar ook eenmaal aan boord zal hij zich op gruwelijke wijze vergrijpen aan één van de scheepsjongens.

    We ervaren dit allemaal vanuit de ogen van Patrick Sumner, een getroebleerde persoon, die aanmonstert als scheepsarts, maar totaal onvoorbereid is op de ontberingen van de reis naar het ‘Noordwater’. En zo ontvouwt zich een duister en verontrustend verhaal als enerzijds de moordenaar die aan boord is moet worden ontmaskerd en anderzijds de kapitein de geheime taak heeft in het kader van een verzekeringsfraude zijn schip te laten vergaan. De verschrikkingen die Sumner moet doorstaan zijn hierdoor bij tijd en wijlen verbijsterend.

    Zo is dit een niet heel makkelijk leesbaar, maar wel fascinerend en uiteindelijk prachtig boek dat uiteindelijk gaat over alle facetten van de moraliteit… Lezen!


  • Boekrecensie ‘Pilaren van de aarde’, Ken Follett

    Posted on by admin

    Dit is een heel populair boek van de voormalige spionagethriller-schrijver Follett. Het is volgens mij ook het eerste boek waarin hij zijn oeuvre opnieuw uitvond en meeslepende historische romans ging schrijven. Diens latere ‘Val der titanen‘ dat ik zelf eerder las, is in dat zelfde genre geschreven en lijkt dus ook heel erg op dit boek.

    Beide boeken kenmerken zich door de vele verwikkelingen rondom zeker een handvol hoofdpersonages, wiens levenspaden elkaar zeer regelmatig kruisen. De verhalen hebben veel vaart en zijn in een makkelijk, zeer leesbaar proza geschreven dat wars is van enige literaire pretentie. Dat blijkt er bijvoorbeeld wel uit dat Follett niet terug deinst voor clichés, bijvoorbeeld door te schrijven dat de maag van een personage knort als die etensgeuren ruikt.

    Dit boek speelt intussen in de vroege middeleeuwen en centraal hierin staat de bouw van een kathedraal in het (fictieve) stadje Kingsbridge. We volgen de bouwer Tom Builder, die aanvankelijk moeite heeft met zijn gezin zijn hoofd boven water te houden, maar er uiteindelijk (bijna) in slaagt zijn droom te verwezenlijken: hij mag de bouw van de kathedraal leiden. Ook volgen we de ambitieuze prior van het klooster van Kingsbridge, de wrokkige en wrede William Hamsleigh, die graaf wil worden, Aliena, een zelfbewuste dochter van een graaf en ten slotte Jack Jackson, de zoon van een mistreel en een vermeende heks.

    Dit alles is mooi ingebed in de historische feiten van het vroegmiddeleeuwse Engeland. Follett heeft daarnaast een mooi rond plot gesmeed dat is uitgesmeerd over circa een halve eeuw waarin uiteindelijk alles mooi samen komt. Dit leidt tot een kostelijk boek dat geen moment verveelt: het is zeer onderhoudend zonder een moment literair te worden. Leuk!

     


  • Boekrecensie ‘Pizarro, conqueror of the Inca’, Stuart Stirling

    Posted on by admin

    Dit geschiedenisboek gaat over de fascinerende verovering van het Inca-rijk door de Spanjaard Francisco Pizarro, begin zestiende eeuw. Zelf heeft me al tijden gefascineerd hoe één man met net aan hondervijftig soldaten erin geslaagd is een heel rijk ten val te brengen. En ook bij lezing van dit boek blijft verbazen hoe onwaarschijnlijk dit was. Want Pizarro deed er al een hele tijd over om überhaupt voorbij de ondoordringbare jungles aan de kust te komen, voor hij op de cordillera’s belandde, de hooglanden van de Andes waar zich de belangrijkste steden bevonden en het hart van de Inca-beschaving.

    Maar door een volledige onderschatting van de zijde van de Inca’s, gecombineerd met een voorafgaande burgeroorlog die het rijk danig had verzwakt èn een misplaatst ontzag voor deze witbebaarde mannen die van overzee kwamen (als incarnaties van de godheid Viracocha), kon het gebeuren dat Pizarro daarna bizar snel de Inca’s op de knieen kreeg. In een extreem baude manoeuvre slaagde Pizarro erin de Inca-keizer Atahualpa in gijzeling te nemen en door vernuftig manoeuvreren, maar vooral door het gebrek aan centraal leiderschap bij de Inca’s, stortte hierna de gehele Inca-beschaving als een kaartenhuis in elkaar.

    Door de materie is het boek zeer interessant en het is ook prima geschreven. Zeker de moeite waard dus!

     


  • Boekrecensie ‘De Grote Gatsby’, F. Scott Fitzgerald

    Posted on by admin

    Dit boek is (met de nevenstaande kaft) recent heruitgegeven na verschijning van de film ‘The Great Gatsby’, met in de hoofd- en titelrol Leo DiCaprio. Hij speelt dus Jay Gatsby; de mysterieuze puissant rijke jongeman, die kolossale feesten geeft in zijn al even enorme villa in de lommerrijke Hamptons (even buiten New York op Long Island), maar intussen op iets heel anders uit is…

    Het boek staat bekend als een absolute literatuur-klassieker en al snel blijkt waarom: het is in een prachtige bloemrijke taal geschreven, die soms misschien wel zeer poëtisch wordt. Het duistere tragische verhaal is verder, ondanks het gebrek aan vaart, zonder meer meeslepend. Door de ogen van Nick Carraway, de buurman van Gatsby die met hem bevriend raakt, begrijpen we langzamerhand hoe alles blijkt te draaien om de verloren liefde van Gatsby: Daisy, die (niet toevallig) in de villa tegenover dat van Gatsby woont en zichzelf heeft begraven in een liefdeloos huwelijk met een lomperik.

    Het plot dat zich zo ontvouwt is zoals gezegd dramatisch, maar ook misschien wel wat erg sentimenteel-romantisch naar hedendaagse normen. Maar door de prachtige vertelstem, alle extra betekenislagen en de mooie kenschets van het New York van de roaring twenties is dit toch gewoon een heerlijk boek. Fijn!


  • Boekrecensie ‘De gekwelde man’, Henning Mankell

    Posted on by admin

    Van Henning Mankell spreken met name enkele van zijn boeken buiten de Kurt Wallander-serie me aan. Maar mede ingegeven door het feit dat dit het tiende en laatste deel is uit die Wallander-serie, heb ik het toch gelezen.

    Het boek is duidelijk een afsluiting van de serie, als tal van elementen en personages uit eerdere boeken naar voren komen. Zoals Mona, de ex-vrouw van Wallander, maar ook Baiba Liepa, misschien wel de enige vrouw waar hij echt verliefd op was, uit het boek ‘De honden van Riga‘.

    Hiermee beweegt het plot zich niet bepaald snel en dat maakt het boek soms wat saai. Dat plot draait trouwens om de verdwijning van de schoonouders van Linda, de dochter van Wallander. Deze Hakan en Louise von Enke blijken al snel iets te maken te hebben met een spionage-intrige rondom Russische duikboten die in de jaren ’80 de Zweedse territoriale wateren hebben geschonden.

    Mankell is een zeer vaardig schrijver en neemt in dit boek nadrukkelijk de tijd om de worstelingen van de ouder wordende Wallander, en bijvoorbeeld zijn moeizame relatie met zijn dochter en ex-vrouw te beschrijven. Dat is goed gedaan, maar hierdoor mist dit boek als thriller wel vaart. Maar al met al wel een fraai slot van de Wallander-serie.

     

     


  • Boekrecensie ‘Lincoln in the Bardo’, George Saunders

    Posted on by admin

    Dit boek is een recente Man Booker prijswinnaar en daarom veelbelovend. Al snel blijkt het een stilistisch zeer bijzonder boek te zijn; het is geheel opgebouwd uit citaten van iedereen die iets met het verhaal te maken heeft.

    Dat werkt in eerste instantie verfrissend en kan ook bij vlagen geestig worden, bijvoorbeeld als allerlei mensen totaal verschillende herinneringen hebben van een zelfde avond (stond er nu een maan of niet?). Maar al snel begint die vorm tegen te staan en wordt het teveel een gebbetje; een trucje. Het hindert dan de vertelling enorm, ook omdat de bronvermelding van het citaat steeds aan het einde staat, wat de leeservaring bemoeilijkt.

    Intussen heb ik nog niets verteld over het verhaal! Dat draait omde vroege dood van Willie, de elfjarige zoon van Abraham Lincoln, de Amerikaanse president tijdens de donkere jaren van de burgeroorlog. Hij is enorm aangeslagen door zijn dood en bezoekt de dode Willie nog regelmatig is diens tombe. En daar gebeurt iets bijzonders, als er een soort contact lijkt te ontstaan met al de dode zielen, die daar in een soort voorportaal van het hiernamaals rond dolen en die allemaal, net als Willie, nog geen afscheid kunnen nemen van hun leven. Deze dolende zielen zijn meteen de belangrijkste vertellers in dit boek.

    Op zich is dit allemaal mogelijk wel interessant, maar helaas zit de gekozen vorm de vertelling teveel in de weg. Daarom naar mijn idee toch niet echt een succes…


  • Boekrecensie ‘Wat het hart verwoest’, John Boyne

    Posted on by admin

    Deze vuistdikke roman gaat over het leven van Cyril Avery. Hij is de bastaard van een tienermeisje, dat hem afstaat aan een kinderloos echtpaar. Als hij opgroeit, merkt hij al snel dat hij jongens prefereert boven meisjes. Hij bouwt vooraf een obsessie op voor Julian, een jongen die hij al van jongs af aan kent, en met wie hij op één kamer belandt op school. In het Ierland van midden twintigste eeuw is homoseusualiteit echter taboe, en zo ontkent Cyril keer op keer zijn ware aard, tot het dieptepunt dat hij de zus van Julian trouwt, maar na de bruiloft in verwarring vlucht. Dat is het begin van een zoektocht die hem onder meer naar Amsterdam en New York voeren.

    John Boyne heeft een goede schrijfstijl en weet het verhaal heel invoelbaar te maken. De belevenissen van Cyril zijn meeslepend en zijn meteen een portret van de tijdsgeest, niet alleen de Ierse periode, maar ook bijvoorbeeld het aids-tijdperk en de tijd van het internetdaten.

    Wat ik verder goed gedaan vind is dat Boyne de soms wel erg zware materie (Cyril krijgt behoorlijk wat voor zijn kiezen) toch nog licht te houden, door bij vlagen heel geestig te schrijven. Dat lukt met name in het begin van het boek heel goed in de passages over de adoptieouders van Cyril: de schuinsmarcherende en frauderende Charles, die niet voldoende kan benadrukken dat Cyril geen echte Avery is, en de frigide Maude, die boeken schrijft waarvan ze eigenlijk niet wil dat die worden gelezen, want dat is maar vulgair.  Die amusante, bijna kluchtige, toon weet Boyne in het hele boek, met name in de dialogen, vast te houden. Zoals ook een kostelijk gesprek van Cyril met een bekrompen echtpaar dat volhoudt heel open te staan tegen afwijkende geaardheden, maar telkens weer precies het tegenover gestelde laat zien.

    Een puntje van kritiek is wel dat Boyne heel vaak als stijlelement gebruikt dat hij een plotlijn opbouwt tot een ‘climax’, en daarna de vertelling bruut eindigt en een grote sprong in de tijd maakt. Dit komt, vooral omdat hij dat drie, vier keer doet, toch een beetje gekunsteld en als een formule over. Maar al met al was dit zeker een boek dat zeer de moeite waard is!