Dit boek is van de schrijfdocent bij wie ik de basismodules van de Schrijveracademie gevolgd heb. Als docent vond ik Peter van Beek uitstekend: een echte leraar-leraar, die met enig gezag leiding gaf aan de kikkers in de ton die zijn studenten maar al te vaak waren.
En dan nu Peter van Beek; de schrijver. Ik moet bekennen dat ik zeker aan het begin erg veel moeite had met het boek, met name door de stortvloed aan korte zinnetjes die me al snel irriteerde. Gelukkig blijkt dit grotendeels een opstart-probleem te zijn; want verderop in het boek wordt de cadans in zinlengtes veel beter. Wat me verder opviel was dat Van Beek soms vrij geforceerd informatie met je wil delen; uiterlijke kenmerken van een personage bijvoorbeeld; of het feit dat er een bepaald merk meubel in de woonkamer staat of dat Lone Telander een Citizen-horloge draagt (bij beide laatstgenoemde voorbeelden dacht ik: waarom moeten we dat weten?).
Ik noemde Lone Telander al, de lesbische/biseksuele tongpiercing dragende ‘loner’ en rechercheur, die de hoofdpersoon is van dit boek. Ligt het aan mij, of is dit wel een zeer opzichtige kopie van Lisbeth Salander uit de Stieg Larsson-boeken? Zelfs haar naam lijkt daar rechtstreeks naar te refereren. Ik had er een beetje moeite mee…
En dan kom ik toe aan een ander ding; het perspectief. Volgens mij hanteert Van Beek een veel gebruikt thriller-perspectief; met enige afstand beschrijft hij diverse personages in de hij/zij-vorm. Wat bevreemdend aandoet, en dat heb ik volgens mij nog nooit eerder gezien, is dat hij ook in het hoofd van al die personages zit en dan regelmatig hun denkwereld beschrijft in de ik-vorm (dus geen indirecte rede: hij dacht dat hij ging sterven, maar directe rede: ik ging sterven). Hmmm… ik weet niet of je dat zo kan en wil doen. Ook gek is dat Van Beek één persoon (Dieter) dan weer, tot dat die sterft, beschrijft vanuit een echt ik-perspectief. Waarom? Ik vond het allemaal een beetje warrig…
Deze opmerkingen daargelaten, is dit al met al echter volgens mij toch een prima thriller, die vele lezers die in zijn voor een licht verteerbaar tussendoortje, of de wat meer ongeoefende lezers, prima zal bevallen. De korte hoofdstukken noden tot doorlezen en op zich is de plot (de zoektocht naar een pyromaan en een moordenaar) prima uitgewerkt. Alhoewel het aan het eind wel een beetje te ongeloofwaardig en vergezocht wordt naar mijn smaak. Maar al met al is dit een thriller van Neerlands bodem die zeker gezien mag worden; en wat Van Beek natuurlijk heel slim heeft gedaan, is dat hij een duidelijke niche heeft gekozen: Thrillers op Texel! Goede vondst, hoor!
Ik meen dat ik Stefan Popa al wel eens op tv heb gezien als stand-up comedian, maar schrijver is hij dus ook. En dat doet hij heel verdienstelijk. Op zijn best is ‘A27’ een hele rake kenschets van de moderne tijd waarin we leven. Dat doet hij door beurtelings over drie geheel verschillende personen te vertellen. En alle drie zijn ze behoorlijk vet aangezet: Henri is een grofgebekte, seksistische, succesvolle macho-ondernemer met een te groot ego die naast zijn bedrijf te runnen, met name bezig is met het organiseren van een leuke scharrel. Malines is een jonge vrouw die nog steeds worstelt met het feit dat alles in haar leven in het teken lijkt te staan van haar tweelingzus Mechel. En Sjors -spreek uit als George- is een gezinsman uit Spakenburg die worstelt met zijn homoseksuele geaardheid.